Keersnach 1944 oondergroonds

Kerstnacht 1944 Ondergronds

 

Ondergronds Kerstfeest De Limburger 22-12-2012

Op maandag 24 December 2012, op kerstavond, herdachte hoge Amerikaanse militairen in de Maastrichtse groeve De Schark de nachtmis van 24 december 1944.

Amerikaanse soldaten vierden toen op die plek ondergronds Kerstmis, voordat ze naar het front gingen. Broeder Lucianus, destijds misdienaar, is nog steeds onder de indruk van de gebeurtenis, ook al was deze achteraf minder dramatisch als lang gedacht.

Kerstavond 1944. Het is bijna middernacht als broeder Lucianus met 26 medebroeders van het Maastrichtse klooster de Beyart in het pikkedonker in een legertruck stapt. Het zeil gaat dicht, een spannende rit door de kou volgt. Onderweg worden ze

minstens twee keer tot staan gebracht voor controle. Nachtelijk verkeer is verdacht. Eenmaal bij De Schark, het buitengoed van de broeders, posteren de geestelijken zich achter de gereedstaande officieren. Een lange stoet van Amerikaanse militairen trekt in ‘processie’ in stilte het onderaardse gangenstelsel in. „Ze waren allemaal bewapend, hadden het geweer in de aanslag. Want het kon gebeuren dat ze moesten uitrukken. Er was ons van tevoren ook gezegd dat mogelijk midden onder de plechtigheid de dienst stilgelegd moest worden. Je voelde de druk van de oorlog.” Het is nu 68 jaar geleden, maar de gebeurtenis staat Lucianus Tieleman (90) nog helder voor de geest. Hij was misdienaar tijdens de bijzondere nachtmis, die enorme indruk maakte op alle aanwezigen. Broeder Lucianus herinnert zich de strakke gezichten van de mannen. Maastricht was bevrijd, maar de oorlogsdreiging werd opeens weer groot. Vlakbij woedde het Ardennenoffensief. „In die spannende dagen van oorlog waarin sneuvelen een reëel gevaar is, sta je dichter bij de grote vraagtekens. In die moeilijke omstandigheden van leven en dood was dit voor die mannen heel belangrijk. Kerstmis kent iedereen.” De nachtmis was een initiatief van de magister van de broeders

van de Beyart. Ze hadden in hun gangenstelsel een geïmproviseerd altaar ingericht. Een mergelwand was blank geschuurd, zodat de Amerikanen er met houtskool hun handtekening op konden zetten. De ondergrondse plek is inmiddels een nationaal oorlogsmonument. Er zijn nog twee broeders van destijds in leven: Lucianus Tieleman en Aloysio van de Broek. Maar broeder Aloysio is te ziek om over zijn herinneringen te vertellen. Lucianus: „Het was een superbijeenkomst. Een geweldige sfeer. Zo rustig, zo intens. Het was zo... zo écht. Het gaat om de geboorte van Christus en dan zit je ook nog in een grot! Het was romantisch, maar we waren ons ook heel bewust van de ernst van de zaak.” Broeder Lucianus beschikt over een brief van Bob Wisler, die denkt dat hij een van de laatste, zo niet dé laatste overgebleven Amerikaan is die erbij was. Ook al waren veel van de jongens anglicaans, protestant of baptist, ze genoten van de Latijnse katholieke dienst, zo schrijft hij. ‘Zeker degenen die van het front kwamen, waren moe, hadden het koud. Zo ver van huis voelde een mis vertrouwd. Het herinnerde ons aan onze familie en thuis, maar we realiseerden ons tegelijk hoe serieus onze taak was. Ik twijfel er niet aan dat sommigen van de aanwezigen vlak hierna hun leven verloren in de oorlog.’ De nachtmis heeft later zo’n dramatische lading gekregen, doordat van de 600 aanwezigen er slechts 55 van het front zouden zijn teruggekeerd. De vraag is of dit lange tijdvoor waar gehouden verhaal wel klopt. Er zijn twijfels gerezen door nieuw onderzoek van amateurhistoricus en voormalig luchtmachtofficier

John Gouverne. De aanwezige soldaten, zo blijkt, kunnen in elk geval geen deel uit hebben gemaakt van de 30th Infantry Division (Old Hickory) die Maastricht heeft bevrijd. Gouverne heeft in Amerikaanse bronnen ontdekt dat de Old Hickory divisie op 17 december al op weg was naar de Ardennen. In Maastricht was met Kerstmis 1944 wel het hoofdkwartier van het negende leger gevestigd, onder meer in het gebouw van het Veldeke college. De staf telde drieduizend man. „Dat waren geen  gevechtssoldaten, maar telefonisten, administratieve mensen, noem maar op.” Zeker is dat er bij de nachtmis militairen waren van zogeheten AAA eenheden: Anti Aircraft Artillery die voor luchtbescherming van de stad zorgden. Namen van bijvoorbeeld de 127th AAA eenheid staan op de mergelwand in de Schark. Ook Bob Wisler behoorde tot zo’n eenheid. Gouverne:„Waar dat verhaal dan vandaan komt van die mannen die naar het front moesten, weet ik niet. Ach je weet hoe dat gaat: verhalen worden in de loop der jaren aangedikt en klakkeloos overgenomen.” Zowel Bob Wisler als broeder Luciano schat dat er maximaal tweehonderd Amerikaanse militairen bij de nachtmis waren. Het aantal van zeshonderd lijkt dus sowieso schromelijk overdreven. Broeder Lucianus verwerpt de theorie van Gouverne niet. Al heeft hij altijd gedacht dat de meeste militairenwaren gesneuveld. Destijds volgden de broeders het nieuws over het Ardennenoffensief op de voet, met de gezichten van de militairen op hun netvlies. „Maar die nachtmis was bijna een militaire operatie. Het ging allemaal heel snel, we hebben geen kans gehad om met die mannen te praten.” Broeder Luciano zal er bij zijn, maandagavond in De Schark. „Het is steeds wer heel bijzonder. Elke keer denk ik terug aan die nacht.” Bob Wisler kan er niet bij zijn, maar heeft wel een brief opgesteld die vanavond wellicht wordt voorgedragen. ‘Ik hoop dat jullie vanavond bidden voor iedereen die in de oorlog gevochten heeft.

'Merry Christmas. May God bless you all.

Naor Bove

DE SCHARK De Limburger 29-09-2012

Niet zozeer de mooie excursies of de natuurwaarde staat centraal als wel de rol van de Amerikaanse bevrijders.

Gang naar het oorlogsverleden.

De plechtige opening van een nieuwe mergelgang naar groeve De Schark in Maastricht werd gisteren een herdenking van Amerikaanse soldaten die voor onze vrijheid sneuvelden. In groeve De Schark in de Sint Pietersberg hangt deze vrijdagochtend een eerbiedige sfeer alsof de aanwezigen in een kerk zijn. Zeker zestig genodigden, onder wie diverse officieren van de legerbases in Schinnen en Brunssum, kijken met grote ogen om zich heen en fluisteren zachtjes. In groeve De Schark hebben in 1944 honderden Amerikaanse soldaten een kerstnachtviering gehouden met broeders van De Beyart. In een stukje van de groeve is nog altijd te zien dat zij hun namen op de mergelwand hebben gezet. Na later zou blijken, is een groot aantal van hen kort daarna bij het  Ardennenoffensief gesneuveld. Officieel staat deze vrijdagochtend in het teken van de opening van een nieuwe voor excursies te gebruiken mergelgang vanuit de ENCI-groeve naar De Schark. Om bij de nieuwe entree te komen, hobbelen de aanwezigen eerst tien minuten in busjes door de ENCI groeve. Eenmaal binnen gaan de gedachten terug naar de Tweede Wereldoorlog. De Amerikaanse generaal Joe Reynes van het NAVO-commando in Brunssum betitelt de gang als een brug naar het verleden en naar de offers die zijn gebracht door de soldaten van wie de namen nu nog op de mergelmuur staan. De Limburgse gouverneur Theo Bovens vertelt de aanwezigen hoe hij als jongetje bij de scouting al stil werd in de groeve. Hij roemt de diepe betekenis van de plek.

Na een minuut stilte bij de wand met namen van soldaten mogen genodigden verderop in de nieuwe mergelgang hun namen met een houtskoolstaafje op de muur zetten. Onder hen is ook broeder Wim Luiten namens de broeders van De Beyart. Zij hebben door de tijd veel muurtekeningen in de groeve gemaakt, omdat hun buitenverblijf pal erboven op de Sint Pietersberg staat. Broeder Luiten vertelt dat twee broeders nog leven die de kerstviering van eind 1944 hebben meegemaakt, maar hun gezondheid laat het niet toe om nu aanwezig te zijn. Ook Luiten benadrukt dat niet zozeer de mooie excursies of de natuurwaarde van de vleermuizen op deze plek centraal dienen te staan, maar de Amerikaanse bevrijders. Directeur Peter Mergelsberg van de Stichting Ontwikkelingsmaatschappij ENCI-gebied vergelijkt het met de plechtige gang naar een begraafplaats. „Dit is zeker geen speelplek”, zegt hij.

Voor meer foto's kunt u kijken elders op deze site op de pagina 'Wist geer Dat'.

Bron: Eerste stuk De Limburger 22-12-2012, artikel geschreven door Vikkie Bartholomeus. Foto's RHCL, Tweede stuk De Limburger 29-09-2012, artikel geschreven door Jaco Meijer. Foto Annemiek Mommers

Aonvaank